Ik maak muziek als amateur-bassist

Dominant op de achtergrond.

Ik maak muziek als bassist. Het is allemaal begonnen bij fanfare Nos Jungit Apollo in Sint Oedenrode. Tussen mijn 9e en 18e levensjaar had ik een andere rol maar uiteindelijk heb ik mijn plaats gevonden. Gefascineerd door Marty en de gebroeders Brouwer dacht ik dat trompet wel iets voor mij was. Mijn moeder dacht daar anders over en ik kreeg “net als mij oom” een saxofoon. Niet eens een kromme maar een rechte; een sopraansaxofoon. Na een paar maanden kwam het inzicht dat het een foute keus was.

In de 10 jaar die daar op volgden heb ik diverse instrumenten geprobeerd en evenzoveel leraren “versleten” of tot wanhoop gedreven. Rond mijn 18e kwam de ommekeer. Ik kreeg een bastuba in handen (een Es bas) en ik kwam “uit de kast” als bassist. Toen ik 33 jaar oud was heb ik de basgitaar aan mijn instrumentarium toegevoegd.

Uitgetoeterd

Uiteindelijk heb ik in 2008 de stap gezet om te stoppen met bastuba en fanfaremuziek. De basgitaar bleef over en ik ben begonnen in een klein combo.

Tijdens een avond uit, terwijl we zaten te eten onder de begeleiding van duo met gitaar en contrabas, zei mijn vrouw: “is dat niets voor jou zo’n grote bas?”. Dat was recht in mijn hart. Een wens die ik al heel lang had weggestopt werd ineens bloot gelegd. De keuze was gemaakt, de bas gekocht en sinds 2010 ben ik de bassist van Bigband Nightshift. Ik ben thuis want we maken amusementsmuziek in orkestvorm en dat is een stijl die ik een warm hart toedraag.

Sinds november 2015 ben ik de trotse bezitter van een hand-gebouwde contrabas van de hand van Jan Knooren. Met dit instrument wil ik oud worden. Professionele bas, blije amateurbassist.

Hoor je die basklarinetten?

Nadat ik in 2018 uit een bandje was gezet vanwege botsende ego’s en onder het mom van niet strak genoeg, ben ik toch weer aan de slag gegaan in de harmonie van Bergeijk. Op contrabas en mét de strijkstok. Bij het kennismaken vroeg ik of dat ook versterkt moest (tussen 70 blazers) en het antwoord daarop was nee. Ik dacht dat ik er alleen bij gehaald werd voor de foto’s maar met een slimme opstelling had ik wel degelijk een mooie rol in de klankontwikkeling. Nadat we weer aan de gang waren gegaan na de corona-stops, waren we een stuk aan het instuderen en op de vraag van de dirigent “hoor je die basklarinetten” zei ik in eerste instantie ja. Het was een stuk waarin de bas op 1 en 3 speelde en de basklarinetten op 2 en 4. Voor de groove is het wezenlijk dat je elkaar hoort. 

In de weken daarop volgend heb ik de moed opgegeven om in een groot orkest mee te doen met complexe muziek. Niet vanwege techniek maar vanwege mijn gehoorschade. Ik heb me neergelegd bij het feit dat ik de bigbandmuziek ook heel fijn vind om te doen en dat die muziek niet zo afhankelijk is van mijn gehoor. 

Achter de trombones
muppet bassist

Ik begrijp de lol die anderen aan het spelletje beleven maar ik kan er bijna niet naar kijken. Zou ik dan toch op een voetbalveld worden ingezet, dan past een rol als verdedigend middenvelder het beste bij mij. Vanuit de achtergrond het initiatief opbouwen en basis creeëren voor samenspel. Zie mij hier toch eens vanuit de muziek als bassist een parallel aantonen met voetbal. Appels en peren kun je uitstekend vergelijken.

 

Sommige mensen hebben voetbalbenen, ik heb ze niet.

Ik zelf